TVN Home » Nieuwsbrief » artikelen » Mindfulness 2: niet oordelen, geduld, beginnersgeest

Mindfulness 2: niet oordelen, geduld, beginnersgeest

13 februari 2018

Uit het seminar van Fernando de Torrijos (juni 2017 ITC Naarden) en de boeken van John Kabat-Zinn

Als je bij het uitoefenen van de meditatie denkt, “Dit gaat niet lukken maar ik doe het toch”, is de kans groot dat het niet echt gaat functioneren. De eerste keer dat je enige pijn of ongemak ervaart, zal je tegen jezelf kunnen zeggen, “Zie je wel, ik wist dat mijn pijn niet weg zou gaan”, of, “Ik wist dat ik mij niet kan concentreren”, en zal dat je wantrouwen bevestigen dat het niet zou gaan lukken en zal je ermee stoppen.
Als je als een “overtuigd aanhanger” komt, dat dit zeker de juiste weg voor jou is, dat meditatie ‘het antwoord’ is, is de kans groot dat je ook snel teleurgesteld zult zijn. Zodra je erachter komt dat jij dezelfde persoon bent die jij altijd was en dat dit werk inzet en volharding eist en niet slechts een romantisch geloof in de waarde van meditatie of ontspanning, zal je aanzienlijk minder enthousiast zijn dan daarvoor.
Dus de instelling waarmee wij het beoefenen van mindfulness benaderen zal voor een groot deel de lange-termijn waarde voor ons bepalen. Daarom kan het bewust ontwikkelen van een bepaalde instelling zeer nuttig zijn om het beste uit het meditatieproces te halen. Je intenties bepalen wat mogelijk is. Zij herinneren je er constant aan waarom je het praktiseren in eerste instantie doet. Rekening houdend met bepaalde instellingen is eigenlijk een deel van de opleiding zelf, een manier van regisseren en het kanaliseren van je energie zodat deze zo effectief mogelijk kan worden benut in het werk van groeien en helen.
Zeven gedragsvormen zijn de belangrijkste pijlers bij het beoefenen van mindfulness. Dat zijn niet-oordelen, geduld, beginnersgeest, vertrouwen, niet-streven, acceptatie, loslaten. Deze gedragsvormen dienen bewust ontwikkeld te worden wanneer je oefent.
Hij zijn niet onafhankelijk van elkaar. Elk van hen hangt af van en beïnvloedt de mate waarin je de anderen tot ontwikkeling kan brengen. Werkend aan één van hen zal je dit snel naar de anderen voeren. Aangezien zij samen de basis vormen waarop je een sterke meditatieoefening voor jezelf kunt creëren, introduceren wij hen voordat je met de technieken te maken krijgt en je vanaf het begin met deze gedragsvormen bekend raakt. Wanneer je eenmaal met de oefening zelf bezig bent, verdient dit hoofdstuk herlezen te worden om je te herinneren aan de manieren hoe je door zou kunnen gaan met het bemesten van de gedragsvormende voedingsbodem zodat je mindfulness-oefening vruchten zal afwerpen.

Eerste drie van zeven punten

Basisgedrag bij het beoefenen van mindfulness

Uit: Mindfulness voor beginners, John Kabat-Zinn (ISBN 9789057123696)

  1. Niet oordelen

[ . . . . ] Een niet-oordelende houding is zo belangrijk als we verder willen kijken dan de automatische ideeën en meningen die we over zo ongeveer alles paraat hebben en waarbij we meestal geen vraagtekens zetten. Wanneer je ermee begint aandacht te hebben voor wat er in je geest (mind) gaande is, ontdek je al snel dat eigenlijk alles een oordeel is. Het is goed om je daarvan bewust te zijn. Het is niet nodig om te oordelen over het oordelen of om te proberen het te veranderen.  Het is voldoende om het te zien. Als dit lukt, wordt werkelijk opmerken mogelijk en kun je de dingen zien zoals ze zijn. Niet-weten is verwant met niet-oordelen. Wanneer we niet alles meteen hoeven te weten, kunnen we ervoor openstaan om met een frisse blik te zien.

Wanneer je dus begint [ . . . ] met meditatie is het goed om op te merken hoe vaak er allerlei oordelen in je opkomen. Het enige wat je hoeft te doen, is die oordelen te herkennen.

  1. Geduld

We zijn altijd maar bezig te proberen ergens anders te komen We hebben de sterke behoefte om onderweg te zijn naar een beter moment, een betere tijd waarin alles bij elkaar zal komen voor mij. We zitten maar al te gauw vol ongeduld en gedrevenheid. En dat maakt natuurlijk dat we niet kunnen zijn waar we al zijn. Een duidelijk voorbeeld hiervan is een kind dat een vlinder wil helpen sneller uit zijn cocon te komen, omdat het zo leuk zou zijn om de vlinder te hebben. Vol ongeduld begint het kind de cocon af te pellen, zonder te begrijpen dat de dingen zich in hun eigen tempo ontvouwen.
Geduld is voor de beoefening van mindfulness echt een geweldige houding, want die beoefening gaat op een heel fundamentele manier al over even helemaal uit de tijd te stappen. Wanneer we praten over het huidige moment, praten we over het nu; we praten over ‘buiten-de-klok-tijd’ Dat soort momenten hebben we bijna allemaal weleens meegemaakt. En eigenlijk hebben we niets anders dan dit soort momenten, alleen negeren we ze bijna altijd en komt het maar zelden voor dat we een moment ervaren waarop de tijd voor ons stilstaat. Haar we kunnen leren hoe we uit de kloktijd kunnen stappen, hoe we in de tijdloze kwaliteit van het nu terecht kunnen komen, namelijk door het beoefenen van mindfulness. Dit kan ons in ons leven een hoop meer tijd opleveren. Hoezo? Omdat we, wanneer we mindfull zijn en wonen in elk moment – voorzichtig geschat – beschikken over een oneindig aantal momenten tussen nu en het moment waarop we zullen sterven. Dat is veel tijd om te leven. Er is dus geen haast, en door dit van tijd tot tijd te bedenken, kunnen we meer geduld opbrengen.

  1. Beginnersgeest

Op onze beginnersgeest moeten we wellicht steeds opnieuw een beroep doen, aangezien onze ideeën, meningen en expertises maar al te gemakkelijk het vermogen versluieren om te herkennen wat we niet weten.[. . . ] Rusten in het bewustzijn van het niet weten is ongelooflijk belangrijk om met enige helderheid en creativiteit te kunnen zien en een integer leven te kunnen leiden.
[. . . ] Als je met mindfulness begint heb je misschien een beginnersgeest, maar ergens onderweg zal er een periode komen waarin jij je beginnersgeest kwijtraakt, daar is bijna geen ontkomen aan.
Misschien zal je na een zekere periode van oefenen en lezen gaan denken dat je iets over meditatie weet. Als dit gebeurt, ben je waarschijnlijk je beginnersgeest al even kwijt. Het is dus wellicht verstandiger om in je achterhoofd te houden dat eigenlijk niemand veel weet over meditatie. Wanneer je ervaren monniken of nonnen ontmoet, en zelfs hoge lama’s in de Tibetaanse traditie, of kloosterlingen en leraren uit andere tradities – mannen of vrouwen – zullen die je onveranderlijk vertellen dat ze maar heel weinig weten. De meesten van hen tonen een grote nederigheid en bescheidenheid.  Je krijgt bijvoorbeeld te horen: ‘Je kunt eigenlijk beter bij iemand anders in de leer gaan’. Of een lama met decennia ervaring in het onderwijzen en beoefenen van meditatie zegt: ‘Ik weet eigenlijk niets’. En dat is niet grappig bedoeld, en ook geen valse bescheidenheid – het is een teken van een beginnersgeest. Eén zenmeester is beroemd om zijn uitspraak dat veertig jaar lesgeven eigenlijk ‘water verkopen aan de oever van de rivier was’.
De beginnersgeest is een houding. Het betekent niet dat je niets weet. Het betekent dat je ruim genoeg in het moment bent om – oog in oog met de enormiteit van het onbekende – je niet te laten vangen door wat je wel weet of hebt meegemaakt. Je weet hoe mooi en blij een klein kind kan zijn; voor een deel komt dat voort uit de frisheid van de beginnersgeest. Voor ons volwassenen is de uitdaging om te bezien of we ieder moment kunnen ontmoeten en herkennen als nieuw en dus interessant – we hebben dit moment tenslotte nog nooit eerder gezien. Als je een houding aanneemt van: ‘ als je éen moment – of één ademhaling – hebt gezien, heb je ze allemaal gezien’, zal het cultiveren van mindfulness je erg gaan vervelen. Natuurlijk hoeft ook dat niet het einde van de reis te zijn. Je kunt je er ook gewoon van bewust zijn hoe verveeld je bent als je je aandacht bijvoorbeeld richt op je adem of je gedachten. En zoals we al eerder zagen, kun je binnen dat bewustzijn de vraag stellen: ‘verveelt mijn bewustzijn van mijn verveling zich?’ Als je hier heel goed naar kijkt, luidt het antwoord waarschijnlijk: ‘Helemaal niet’. Je bewustzijn wordt niet gevangen door je verveling.
Met de houding van de beginnersgeest kan verveling zelfs ongelooflijk interessant worden. Terwijl je kijkt naar je verveling, kom je er misschien achter dat deze oplost in iets veel interessanters, een andere mentale toestand. Datzelfde geldt voor bijna elke andere mentale toestand, ook diegene waardoor we ons volledig getiranniseerd voelen of waarvoor we zo bang zijn dat we niet eens aan onszelf toegeven dat we die ervaren: ‘Wie, ik? Bang? In paniek? Gespannen? Nee hoor, ik niet’. ‘Hoor je het verhaal over ‘ik niet’? Dat is het verhaal van ‘ik’.

De volgende punten 4 t/m 7 in de TVN Nieuwsbrief maart 2018

Van 23 tot 28 juni 2017 vond op het Internationaal Theosofisch Centrum te Naarden de jaarlijkse School of the Wisdom plaats “To be a lamp onto oneself. Mindfulness: a gateway to a spiritual life” met Fernando de Torrijos. Een zeer succesvol seminar en retreat.

Er zijn video opnamen gemaakt. Klik hier om deel 1 te zien, en hier voor deel 2